


3 CRAZY ROCKERS
AFTER 45 YEARS
Normaliter schrijf
ik over vintage gitaren; dit artikel is echter gewijd aan drie vintage Indo
Rockers, alhoewel zij zichzelf, overigens terecht,
niet meer als zodanig zien. Vintage is oorspronkelijk een uitdrukking voor oude
port van excellente kwaliteit en dit predikaat is zeker op deze 3 CD’s van toepassing. De Stichting Indisch Huis heeft in het
kader van Het Branie Festival de drie nog steeds optredende oorspronkelijke Crazy
Rockers: Harry Berg, Woody Brunings en Eddy Chatelin ,
de gelegenheid gegeven hun huidige muzikale ideeën volledig naar eigen wens op
CD vast te leggen.
Als eerste neem ik
de CD van Harry Berg onder de loep. Daar heb ik een
aantal redenen voor. Na veelvuldig aandringen van Woody
heeft hij deze CD opgenomen, maar hij weigert om iets aan promotie te doen. Dit
ligt niet in zijn aard. Het is echter de hoogste tijd de spotlights op deze
rasmusicus en Stille Kracht van de
Crazy Rockers te richten. Een begenadigd
gitarist, die al sinds het prille begin,
jaar in jaar uit bescheiden, ja bijna ongemerkt, zonder sterallures met zijn stijlvolle en
ritmische solo’s het geluid van The Crazy Rockers mede bepaald heeft.
Ik schrijf vooral
voor gitaristen en in die visie is de CD van Harry
Berg voor mij de meest interessante, omdat hij als één van de weinige
oorspronkelijke Indo Rockers voornamelijk zijn eigen instrumentale composities
aan de CD groeven toegevoegd heeft.
Harry
Berg, Don’t look back- VINC CD 1202
Op deze CD is
duidelijk Harry’s voorkeur voor de Jazz, Jazzrock en
Funk te horen, maar ook zijn melancholieke inslag, want alle nummers hebben
mineur tint. Zijn favorieten zijn o.a. Lee Ritenour, Michael Stern, George
Benson, Larry Carlton, maar
ook klassieke en traditionele Ierse muziek
heeft zijn interesse. Dit blijkt uit het Keltisch getinte Minstrel Hall van hard rocker Ritchie Blackmore, die ook een
heel ander muzikaal pad gekozen heeft. Het akoestische Greensleeves ademt eveneens de sfeer van
groene Ierse weides. Toch heeft “toean” Berg op deze
CD een volstrekt eigen en gevarieerde stijl. Volgens Woody
zijn de eigen nummers geïnspireerd door zijn laatste bezoek aan zijn verloren vaderland Indonesië.
De titels van de
eigen composities spreken voor zich. De titels zijn trouwens aan de creatieve
geest van Woody ontsproten. Het
eerste nummer van de CD, Grooving at Tiga Puluh is
een poging, de broeierige sfeer weer te geven
van de Jakartaanse nachtclub Tiga
Puluh, het ‘’stamcafé’’van
de Crazy Rockers. Daar was het, volgens de heren na gedane arbeid altijd goed
toeven. De groove
van het nummer zegt al genoeg. Verdere details kunnen daarom achterwege gelaten worden. Tiga Puluh is een mixture van Jazz, (Indo) Rock en Funk, de
favoriete muziek van
veel moderne Indonesische jongeren.
Sambolo Nights werd geïnspireerd door de prachtige avonden
aan de stranden van Sambolo, waar de Crazy Rockers 5
dagen time out hielden, om bij te komen van hun vermoeiende tournee door
Indonesië. Lekker eten, pidjit en daarna tidur in de hangmat met het geruis van de zee op de achtergrond.
In Midnight at Savoy
Homan probeert Harry
de gemoedelijke maar, volgens hem, ook weemoedige sfeer tijdens een diner in dit beroemde en historische hotel,
weer te geven. Hier vond een verbroedering plaats met de plaatselijke
musici en notabelen.
Opvallend is de tweede fretloze baspartij van Jan van Olffen.
De vocale nummers werden niet door Harry geschreven,
maar krijgen door zijn gitaarspel een heel andere signatuur. Het door Woody vertolkte Another Word For Love krijgt extra cachet door de wisseling tussen
heavy spacy distortion
gitaar en melodisch akoestisch snarenspel. Funny How Time Slips Away van “loner” Willy Nelson krijgt een erg funky
opwaardering met zang van een roestige Harry James de Vries en Woody. Het
eveneens door Woody gezongen
aanstekelijke She Won’t
Let You Down is een schoolvoorbeeld, dat de
Crazy Rockers ook moderne soulfunk tot in de puntjes beheersen. Met Looking Back bedoelt
Harry terug te blikken op zijn verleden als Indorocker. Hij laat in dit nummer duidelijk de ontwikkeling
van een halve eeuw Indorock doorklinken. Maar Don’t Look
Back is meer dan dat; het heeft ook
betrekking op
een ver verleden in de Gordel van Smaragd, waar hij na meer dan 60 jaar voor
het eerst weer de geuren van specerijen
en tropische vruchten opsnoof. Wat heeft mijmeren nog voor zin?...... Don’t look back.
Daarom sluit
hij de CD ook met Don’t Look Back af. Hiermee hij wil aangeven, dat ook Indo-Rockers zich muzikaal moeten ontwikkelen; dat het zaak
is, niet eeuwig van het verleden te blijven dromen, maar vooral vooruit te kijken, zonder daarbij
echter de muzikale
wortels te verloochenen. Hij is een voorstander van The Development of Indorock.
Het is te horen aan de moderne sound waarin ondanks alle randapparatuur en
effecten, voor de aandachtige luisteraar toch nog de Indorock
groove doorklinkt. Dit bewijst weer dat de Indische
Rockcultuur een kwestie van gevoel
was… en… is…. In het verleden, nu en hopelijk in de toekomst.
De boodschap van Harry en Woody in dit
project is dan ook: Laat je muziek niet
invriezen en nog eens muzikaal kolonialiseren door de huidige Indo Rockpolitie en P.A.Guru’s, die onze historische Indo-Rock Cultuur te pas en te
onpas voor commerciële doeleinden misbruiken. Degenen, die mijn voorgaande
beschouwingen over Indo- Rock hebben gelezen, weten dat ik deze stelling
persoonlijk volledig onderschrijf en met mij gelukkig veel andere weldenkende
personen.
Voor het elektrieke werk gebruikte Harry
een Fender Stratocaster;
voor de akoestische gitaren werden een nylonsnarige Gibson Chet Atkins
en een staalsnarige Gibson
Gospel en een Gibson 200J Anniversery
ingezet. Harry heeft de leadgitaarpartijen
zelf ingespeeld met occasionele assistentie door Rick Meyer.
Woody&The
Crazy Rockers, Ballads For A Special Person, VCD1198
Woodrow Brunings, alias Woody, behoort zonder meer tot één van de
voornaamste Indo-Rockers. De immer goedlachse
Woody heeft deze status verworven als leadvocalist/ritmegitarist van de
legendarische Crazy Rockers. In die hoedanigheid is hij vooral bekend geworden
door zijn up tempo nummers. Minder bekend is dat hij ook op een uitstekende
wijze Elvis Presley songs weet te vertolken. Op deze CD tracteert Woody ons op
een selectie uit zijn persoonlijke songbook. Zijn keuze werd niet alleen door
de melodische, maar ook door de tekstuele inhoud van de songs bepaald. Ik ben
zo eigenwijs om hem vanwege zijn doordachte selectie als een zachtaardige
romanticus met een levensbeschouwelijke inslag te kwalificeren. Beluister deze
CD bij kaarslicht, een goed glas wijn en lekkere sigaar (ja ik blijf roken) en
je weet wat ik bedoel. De songkeuze is niet echt origineel te noemen, maar blinken
uit door de eigen interpretatie van Woody; zijn warme en gevoelige stem, welke
een extra dimensie krijgen door de smaakvolle arrangementen van Peter van der
Zwaag en de superieure techniek en productie van Fred van der Vlugt, die dit
ook voor de CD van Harry Berg deed. Bovendien hebben alle teksten voor Woody
een specifieke betekenis of herinnering.
Loving Her Was Easy van Kris Kristofferson
met een Spaanse inslag en If Tomorrow Never Comes van U.S.A. country ster
Garth Brooks worden met een
dramatiek gezongen, die soms aan Piet
Veerman van The Cats doet denken. Fairy Tale van de
mijn onbekende zangeres Trisha Yearwood
wordt door Woody op een lichtvoetige wijze vertolkt,
maar de tekst is ‘’uit het leven gegrepen’’. The Windmills Of You Mind is de
titelsong van de film The Thomas Crown Affair en werd in 1969 op de plaat gezet
door Dusty Springfield en in 1999 door Sting. De uitvoering van Woodward
kenmerkt zich door een grote gedrevenheid en intensiteit. Everybody is talking van Nilson komt
dicht bij het origineel met technisch mooie falsetto’s
aan het eind. Look At Us kennen wij naast het origineel van Vince
Gill van een vroegere opname en de live optredens
en wordt door deze studio uitvoering nog meer verfijnd. Ook bij deze uitvoering zijn duidelijk de
Spaans/Mexikaanse invloeden te horen. Billy Vera’s Storybook Children kent iedereen in de poppy
uitvoering van Sandra&Andres. Woody
brengt dit nummer weer terug tot de oorspronkelijke vorm: een boeiende lovesong. Het Barbara Streisand nummer Love Comes From
Unexpected Places met tekst van popzangeres Kim
Carnes krijgt door de gevoelige zang een andere dimensie.
Het getuigt van
veel branie (lef
dus) om 50 Ways To Leave Your Lover van Paul Simon
te coveren, maar met zijn donkerbruine stemgeluid, de perfecte begeleiding en
de puntige speelwijze evenaart deze uitvoering het origineel met gemak;hulde!
De vijftiger jaren Rocker Conway Twitty kon ook ballads schrijven. Het origineel van It Turns Me Inside Out
ken ik niet maar deze versie spreekt mij wel aan en dit is Woody’s
favoriete nummer.
At The Very
Moment You Arrive van pianist/zanger met de pet Gilbert O’Sullivan spreekt mij
minder aan, maar de tekst kan voor ‘’Special
Persons’’ een diepere betekenis hebben.
Anything That’s Part Of You
( een duet met Jazzy Amo) is een ode aan één
van Woody’s favoriete zangers: Elvis
Presley.
De tranentrekker I Fall To Pieces
van zangeres Patsy Cline wordt
getransformeerd tot een melancholiek liefdeslied. Ook de tweede Paul Simon
cover Still Crazy( Rocker?) After All Those (45) Years wordt
heel sterk vertolkt, mede door het vollere stemgeluid van Woody.
Good Years For The Roses klinkt minder
klagelijk als het origineel van Elvis Costello en dat komt het nummer mijns
inziens ten goede. Blue
Christmas van Elvis Presley
lijkt hier enigzins misplaatst, maar luister naar de
tekst en je weet waarom Woody dit nummer geselecteerd
heeft. Waarschijnlijk is dit stuk bedoeld voor die genen die om uiteenlopende
redenen gedoemd zijn alleen X- Mas eve te vieren.
Beluister niet
alleen de mooie melodieën, maar ook de teksten, want hierin ligt de diepere,
soms wat filosofische boodschap van deze CD. Ik heb het vermoeden, dat dit
album vooral door ‘’Special Ladies” begeert zal worden. Ik
ben helemaal niet zo’n liefhebber van ballads. Ook deze C.D. legde ik met gemengde gevoelens op, maar de Ballads for a special Person hebben
mij aangenaam verrast. Rest mij nog een compliment voor de goede Amerikaanse uitspraak.
Woody heeft een mooie collectie gitaren, maar
voor deze CD heeft hij uitsluitend gebruik gemaakt van zijn unieke Canadese elektro-akoestische Godin Multiac met MIDI faciliteiten, welke
hij hier overigens niet gebruikt, gecustomised door Sneker plaatsgenoot Wim
Heins.
Eddy
Chantelin, As The Prince Speaks, VCD1701
Eddy C, zoals hij zich tegenwoordig noemt, is
ongetwijfeld de meeste flamboyante en voor het voetlicht tredende Crazy Rocker.
Daar
is niets mis mee, integendeel. Als je in ons kikkerlandje van muziek moet
leven, zoals Eddy dit altijd gedaan heeft, zul je er wel wat voor moeten doen. Hij
weet op vaardige wijze de publiciteit te bespelen en de titel van zijn CD en de
nummerkeuze zijn hier een duidelijk bewijs van. Ook het feit dat hij zichzelf
veelvuldig als arrangeur vermeldt, geeft aan, dat Eddy drommels goed weet waar
Abraham de royalty mosterd vandaan haalt. Met As The Prince Speaks geeft Eddy
duidelijk aan dat hij zijn Indo roots niet verlochent. Het siert hem dan ook,
dat met de titel aangeeft, dat Andy nog steeds The King is. Dit doet echter
niets aan het feit af, dat Eddy nog steeds een uitstekende gitarist, zanger en
showman in hart in nieren is. En tot mijn genoegen gebruikt hij op deze CD ook
de Indo-Rock gitaar bij uitstek: de Fender Jazzmaster.
Moonshot, oorspronkelijke titel ”Gun Shot”door The Fireballs, wordt op The Spotnicks
manier gespeeld, maar wordt ‘ontsierd’
door een fragment 18th Century
Rock. I’ll Be Home Again is natuurlijk vooral bekend door de film/DVD Rocking Ramona en wordt door Woody gezongen, afgewisseld met de Maleise
coupletten door Eddy. Vooral door het
spetterende gitaarwerk is Bumble Bee mijn favoriete nummer van deze CD. De klassieke
Notenkraker Suite werd op de piano als ‘Nut Rocker’verrockt
door Bee Bumble&The Stingers, maar ik vind de uitvoering van Eddy C wel een klasse beter. De country klassieker Just Out Of Reach wordt op een Tom Jones manier gezongen
en dat is bedoeld als een compliment. Violetta stond op het repertoire van talloze
Indo bands en de uitvoering van Eddy sluit hier
naadloos op aan; lekkere ouderwetse Indo Rock in een perfect 2005 jasje. Het door Patsy Cline bekend geworden Crazy is mateloos populair onder de
Indische gemeenschap. Toch vind ik ‘Kreessie’ zoals
door Eddy gezongen één van de mindere nummers hierop.
Zijn stem heeft voor mij teveel power voor zo’n
melancholieke song en een saxofoonpartij op een synthesizer te spelen gaat mij
persoonlijk een beetje te ver. Daar staat tegenover, dat hij als één van de
weinige “Crazy’ vertolkers dit nummer in de originele toonsoort- Es- van
componist Willie Nelson
zingt; Klasse! Eddy revancheert zich in het volgende nummer Bengawan Solo met een aanstekelijk modern
arrangement, terwijl met name de door de baspartij en
de slaggitaar het krontjong gevoel toch behouden blijft. Op de techniek in Maria
Elena valt niets aan te merken, maar ik mis de
dramatiek van Los Indios Tabajaros. Romance is Eddy’s
eigen bewerking van het gelijknamige nummer uit de Franse cultfilm ‘Jeux Interdis’ uit 1952, toentertijd
gespeeld door de Spaanse gitarist Narciso Yepes. Hij haalt weer alles uit de gitaarkast inclusief
zijn fameuze stacato riffs.
Het Mark Knopfler nummer The Last Laugh
(Hoor ik in sommige coupletten ook Woody’s stem? Staat niet op de hoes) en de Elvis Presley
song The
Shape I’m In krijgen
de Eddy C behandeling: krachtig, vol en goed. Dat kan
helaas niet van het laatste nummer Blue Bayou
gezegd worden. De klagelijke zang van Roy Orbison is
natuurlijk niet te evenaren, maar dit nummer kan Prince
Eddy beter aan King Andy over laten. Persoonlijk had ik liever als uitsmijter
mijn favoriete Eddy C nummer gezien: Telephone Baby samen met Sugar Lee Hooper.
Al met al een
geslaagde CD met een hoog amusementsgehalte. Eddy
heeft deze CD in zijn eigen studio opgenomen en geproduceerd. Ik ben ervan
overtuigd, dat als hij een andere studio en producer had gebruikt, het
resultaat nog beter zou zijn geweest.
Op de hoes staat
een levensgrote fout, natuurlijk speelt Eddy zelf
alle solo partijen en niet Harry Berg.
Naast de Jazzmaster gebruikt Eddy ook een
Godin Artisan en een Kawai solid body gitaar.
Veel lof verdient de ritme sectie op de drie CD’s
bestaande uit Boy Brostoswki- drums en percussie en
Jan van Olffen-basgitaar. Good
old Boy nam na het verscheiden van Syndey Rampersad de drumstokjes over
bij The Crazy Rockers en heeft deze niet meer losgelaten. Ook op veel andere
muziek is zijn puntige en inventieve drumwerk te horen. “Jonkie”
Jan van Olffen is eigen kweek, hij zat bij leraar Woody in de schoolbanken en heeft zich via het
conservatorium (op aanraden van Woody) ontwikkeld tot
een bijzonder vaardige en veelzijdige bassist, die zich als een kameleon aan
iedere muziekstijl aanpast.
Deze C.D. die in het kader van het Indospectrum
project van het Indisch Huis opgenomen werd, is zeker
een aanwinst voor de Indische Rockcultuur.
Cees Bakker- redacteur Gitaarplus
E-Mail: gitaarcees@planet.nl
N.B.
Omdat Harry Berg wars is van publiciteit en in Zwitserland woont, was Woody Brunings zo vriendelijk om mij de nodige achtergrondinformatie over de CD van Harry Berg te verstrekken, waarvoor mijn hartelijke dank.